Voorbeeld geld terug
Mevrouw Leenders is 67 jaar. Zij heeft in 2005 een pensioen van € 9.500 per jaar. Bij de uitbetaling hiervan wordt belasting ingehouden. In totaal betaalt mevrouw Leenders € 230 belasting.
Daarnaast heeft ze veel ziektekosten. Deze ziektekosten zijn als buitengewone uitgaven aftrekbaar. Het aftrekbare bedrag is € 2.500. Het inkomen waarover zij belasting moet betalen is dus € 7.000. Mevrouw Leenders heeft ook recht op bepaalde kortingen op de belasting die ze moet betalen. Dat zijn de zogenoemde heffingskortingen. Zij heeft in 2005 recht op de volgende heffingskortingen:
- Algemene heffingskorting: € 910
- Ouderenkorting: € 454
- Aanvullende ouderenkorting: € 287
In totaal heeft zij dus een korting op de belastingen van € 1.651.
Mevrouw Leenders zou aan belasting 16,5% x € 7.000 = € 1.155 moeten betalen. Ze heeft recht op € 1.651 aan heffingskortingen. Dat is zelfs meer dan ze aan belasting moet betalen. Mevrouw Leenders betaalt dus geen belasting meer: € 1.155 - € 1.651 = € 0. Het overblijvende bedrag van de heffingskortingen vervalt.
Omdat bij de uitbetaling van haar pensioen al belasting is ingehouden, heeft mevrouw Leenders € 230 belasting betaald. Deze betaalde belasting krijgt zij terug. Hiervoor moet ze wel aangifte doen. Zij krijgt dan een aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen waarop staat dat ze geen belasting hoeft te betalen. Verder staat er op de aanslag dat zij € 230 terugkrijgt.
Aftrekposten Gezin en gezondheid